Schuldhulp, andere uitgangspunten, betere resultaten

Mensen maken schulden, soms door dat ze financiële verplichtingen aangaan die ze niet kunnen overzien.

Een voorbeeld waar ik tegen aan liep: iemand koopt een keuken en krijgt die vier maanden later afgeleverd, maar doordat zijn werkgever failliet ging kreeg hij de financiering ervan niet meer rond. Of neem een garagebedrijf die een 6 maanden geleden gekochte auto wil afleveren aan een klant, die echter is inmiddels opgenomen in een ziekenhuis en zal nooit meer kunnen autorijden.

Soms ontstaan schulden door gedragingen, bijvoorbeeld te hard rijden, onverzekerd rijden waarvoor sancties, boetes staan. De boetes zijn bedoeld in eerste instantie als bestraffing van de gedraging en personen te bewegen in het vervolg af te zien van dit soort gedragingen.

Ook kom je vorderingen tegen van gemeenten of het UWV omdat mensen niet tijdig aan inlichtingsverplichting heeft voldaan. Dus niet omdat ze onterecht geld hebben ontvangen, maar omdat ze te laat zijn geweest met het geven van informatie. Het belangrijkste doel is dat ze in het vervolg die informatie wel geven.

Al die schulden die ontstaan zorgen ervoor dat er mensen in de financiële problemen komen. Als we alleen naar de schulden kijken die iemand heeft omdat deze iets heeft gekocht of niet betaald, dan zijn die vaak wel te overzien. Het zijn juist die schulden die ontstaan omdat de overheid je wilt bestraffen en bijkomende kosten omdat je te laat of niet hebt betaald die er vaak voor zorgen dat de schuldenproblematiek onbeheersbaar wordt.

Veel mensen die met een onoplosbaar schuldenproblematiek kampen komen uiteindelijk bij enige vorm van schuldhulpverlening terecht. De minnelijke schuldhulpverlening of de wettelijke. Beiden gaan uit van een afloscapaciteit volgens een berekend Vrij Te Laten Bedrag gedurende drie jaar. In regel betekent dat de schuldeiser slechts een deel van de vordering terugbetaald krijgt.

Ik zal met enkele rekenvoorbeelden drie situaties schetsen, te weten:

iemand met een problematische schuldsituatie gaat in de schuldhulpverlening in de oude situatie en
daar waar de schuldeisers alleen hun originele vorderingen mogen indienen bij schuldhulpverlening, alsmede
een voorbeeld waarbij de administratieve overheidsboetes vervallen bij een geslaagd schuldhulpverleningstraject.

Zo krijg je dus bijvoorbeeld dat er vijf schuldeisers zijn, te weten een energiebedrijf (energienota's), een verhuurder (verhuurnota's), de gemeente (boete), zorgverzekering (verzekeringfacturen) en het CJIB (Mulder vordering). De originele facturen bedragen voor: het Energiebedrijf € 500,00, de verhuurder € 1500,00, de gemeente € 2.500,00, de zorgverzekering € 1.000,00 en het CJIB € 500,00. Totaal € 5.500,00.

Door rente, incassokosten, procedures, executie en wettelijke ophogingen zijn de schulden opgelopen en de schuldeisers dienen hun vordering bij schuldhulp in voor de volgende bedragen: energiebedrijf € 1.500,00, verhuurder € 1.500,00, de gemeente € 3.000,00, de zorgverzekering € 2.000,00 en het CJIB € 2.000,00. Totaal € 10.000,00.

Situatie 1

De schulden zijn verhoogd met kosten. Iedere schuldeiser krijgt  een voorstel van 55% van de ingediende vordering. De verhuurder die netjes heeft afgewacht en de vordering niet met rente en kosten heeft bezwaard krijgt € 825 in plaats van de verschuldigde € 1.500,00. De andere schuldeisers hebben hun schulden opgehoogd met rente en kosten en krijgen: energiebedrijf € 825,00 de gemeente € 1.650,00, de zorgverzekering € 1.100,00 en het CJIB € 1.100,00.

Situatie 2

De afloscapaciteit blijkt over drie jaar € 5.500,00 te zijn, in dat geval  zou iedere schuldeiser in drie jaar tijd volledig gekweten zijn geweest als de schulden niet zouden zijn verhoogd

Als we dus zeggen dat als mensen in de schuldhulp komen, alleen de originele facturen van de schuldeisers betaald moeten worden, dan heeft dat al een direct gevolg op het aanbod voor de schuldeisers. Dat is een stuk gunstiger voor alle schuldeisers en verhoogt de kans op acceptatie. Bijkomend voordeel is dat schuldeisers in het zicht van schuldhulpverlening geen extra kosten maken en zo de slagingskans voor het schuldhulptraject niet onnodig verlagen.

Situatie 3

Als we daarbij eens zeggen dat boetes van de zogenaamde Mulderzaken van CJIB en de boetes wegens zogenaamde boetevorderingen (let wel, niet de fraudebedragen zelf) bij een succesvol afgeronde schuldhulpverlening kwijtgescholden worden, dan verhoogt dat de kans op een succesvolle schuldhul aanzienlijk. Dit vormt ook direct een stimulans voor schuldenaren om hulp te zoeken als ze er zelf niet meer uitkomen.

In het zelfde voorbeeld, bij een minnelijk traject zou een bijstandgerechtigde met een afloscapaciteit van € 49,00 per maand (= € 1.744,00 in 3 jaar) alleen de originele schulden van het energiebedrijf, de verhuurder en de zorgverzekering (totaal €3.000,00) te hoeven worden betaald. In dit geval krijgen deze drie schuldeisers ieder 58,80 % van hun vordering.

Vergelijken we de situatie 3 met die van situatie 1 waarbij de rente en kosten meegenomen moeten worden en de gemeente en het CJIB ook meedelen, dan krijgt iedereen 17,64% van de ingediende (opgehoogde) vordering, in plaats van 58,80% voor het energiebedrijf, der verhuurder en de zorgverzekering. Een lager percentage van het aanbod, verhoogt de kans van afwijzing van het voorstel en leidt tot dwangakkoord en WSNP.

Conclusie

Je zou kunnen zeggen, dan komen die schuldenaren er wel makkelijk van af. Maar er verandert op dat punt niets voor de schuldenaar. Deze betaalt in 36 maanden gewoon het maximale bedrag als volgens het Vrij Te Laten Bedrag af.

Ook kan gezegd worden dat schuldeisers gerechtvaardigde kosten maken om vorderingen te incasseren. Dat is zo, maar hij krijgt naar mogelijkheid van de schuldenaar naar rato van zijn schuld betaald. Daarbij krijgen de andere schuldeisers deze kosten ook niet vergoed en vervallen enkele schulden waardoor het aanbod hoger zal uitvallen. Bijkomend voordeel is dat schuldeisers die weten dat er sprake is van een problematische schuldsituatie een afwachtende houding aannemen, zodat de schuldhulpverleners eerder tot een geslaagde oplossing komen.

De overheid, te weten gemeenten en het CJIB lopen geld mis. Dat is zo, maar de overheid is ook minder geld kwijt aan het traject schuldhulpverlening nu dit eerder tot een succes leidt. Daarbij beoogden de maatregelen in eerste instantie gedragsverandering en was het niet gericht op het verwerven van inkomsten. Een ander punt is, dat de schuldhulpverlening in zeer weinig gevallen leidt tot het uitbetalen van substantiële vergoedingen, dus ik denk dat dit verlies bij deze instanties wel meevalt.

Kortom, een win-win situatie voor alle partijen lijkt me.

Gepubliceerd op 28 juli 2017

Bron: gemeente.nu

Alex Wijnhold

Concern Consulent bij Schuldvangnet

This is Sliced Diazo Plone Theme